Archief

Nieuwsbrief juli 2016

Beste mensen,

Afgelopen week was alweer de laatste Straatsburg-sessie van dit politieke seizoen. Deze plenaire vergadering markeerde eveneens het einde van het Nederlandse voorzitterschap van de EU. Voor mij als jong Europarlementariër was het mooi om zo’n periode mee te maken waar Nederland het middelpunt van Europa is, met als absolute hoogtepunt het bezoek van en de ontmoeting met Koning Willem-Alexander. Het was ook een turbulent voorzitterschap, vooral vanwege het referendum over het Oekraïne associatieverdrag in Nederland en het Brexit-referendum in het Verenigd Koninkrijk. Zoals u wellicht weet komt mijn vriendin Lucy uit Engeland, dus de beslissing van een meerderheid van de Britten om de EU te verlaten heeft ook op ons persoonlijk behoorlijk veel indruk gemaakt. Die impact die deze uitslag op de lange termijn gaat hebben is ook voor ons nog onduidelijk en dat zorgt, net als bij vele anderen, voor een hoge mate van bezorgdheid. In dat opzicht is het een perfect moment om vanaf augustus te gaan genieten van een fijne zomervakantie. Ik wens u allen een hele mooie zomer toe!

Vele groeten,

Jeroen


Hoe nu verder na Brexit?

Twee weken geleden werd ik, en met mij velen, na een korte nacht wakker met een kater. De uitslag van het Brexitreferendum was bekend: bijna 52% van de Britten wilde dat het Verenigd Koninkrijk (VK) uit de EU stapt, terwijl 48% voor een verlengd lidmaatschap stemde.

Deze uitslag is een grote teleurstelling, laat ik daarover helder zijn. De klap dreunt nog steeds na, niet in de laatste plaats in het VK zelf. In de nasleep van het referendum achtte een aantal hoofdrolspelers het nodig om weg te lopen van de chaos die ze zelf veroorzaakt hebben, wat de bestuurbaarheid en de toekomst van het VK niet ten goede komt.

De gevolgen van de periode van onzekerheid waarin we nu terecht komen zullen, ook Nederland en Limburg raken. Wat gaat er gebeuren met de handel en investeringen tussen Nederland en het VK? Wat gebeurt met het vrij verkeer van personen en diensten? Hoe gaat de buitengrens van de EU - dus ook ónze grens - eruit zien tussen Noord-Ierland en Ierland? Allemaal vragen waar we pas ergens in de komende jaren antwoorden op krijgen. In deze periode van voorzichtig economisch herstel is deze onzekerheid wel het laatste wat we kunnen gebruiken.

Daarom moet het VK nu doorpakken. “Weg is weg”, en hoe sneller dat proces afgerond kan worden, hoe beter. Het is een vreemde situatie dat 27 landen nu in onzekerheid moeten gaan zitten wachten, terwijl de conservatieven in Engeland pas begin september een nieuwe leider gaan aanstellen. Het is namelijk aan het VK zelf om de uittredingsprocedure in gang te zetten. In het Europees Verdrag is een periode van twee jaar vastgesteld om de uittreding te ‘regelen’. In politiek opzicht is er al een besluit genomen dat onomkeerbaar is. Dit zal ook gevolgen hebben voor mijn Britse collega’s in het Europees Parlement. Het is een gekke gedachte dat Britse Europarlementariërs Europese wetgeving kunnen aanpassen, die straks alleen op andere landen van toepassing zal zijn.

Tegelijkertijd is het belangrijk om deze uitslag ook in andere Europese landen heel serieus te nemen. De tegenstellingen die je in de Britse samenleving ziet tussen jong en oud, hoog- en laagopgeleid, stad en platteland, zijn geen unieke kenmerken voor het VK. Ook in Nederland zien we deze onderlinge tegenstellingen terug en daar ligt een grote opdracht voor zowel de Nederlandse en Europese politiek. Deze uitslag laat maar weer eens zien hoe urgent de hervorming van de EU blijft de komende jaren. In plaats van jarenlang institutioneel geklets moet de EU concrete resultaten laten zien. Daadkracht tonen in de vluchtelingencrisis, zorgen voor stabiliteit aan de Europese buitengrenzen (zie het artikel over de Europese kust- en grenswacht), de economie weer op gang brengen en vrij verkeer binnen de EU op een eerlijke manier organiseren. Die daadkracht moet in de eerste plaats van de regeringsleiders van de overgebleven 27 komen, en ik reken erop dat deze uitslag een wake-up-call is voor iedereen.

We gaan hoe dan ook een turbulente periode tegemoet. Net als bij ons zijn er in Duitsland en Frankrijk volgend jaar verkiezingen. Ook dan zal de relatie tot de EU heftig bediscussieerd worden in de campagnes. Laat het lot van Premier Cameron een waarschuwing zijn. Hij wist als geen ander overtrokken spookbeelden van de EU te gebruiken voor eigen binnenlands gewin. Nu vertrok hij via de achterdeur uit Downing Street 10.


Nederland draagt voorzittershamer over aan Slowakije

Op 1 juli heeft Slowakije het halfjaarlijks EU-voorzitterschap van Nederland overgenomen. In de afgelopen zes maanden heeft Nederland die rol gebruikt om Nederlandse prioriteiten op de Europese agenda te zetten.

Tijdens de plenaire vergadering in Straatsburg sprak premier Rutte en keken we terug op het Nederlands voorzitterschap. Er waren veel complimenten voor de manier waarop onder Nederlands leiderschap verschillende moeilijke dossiers tot een succesvol einde zijn gebracht, zoals het Vierde Spoorwegpakket dat grensoverschrijdend treinverkeer moet bevorderen. Ook spraken sommige fracties vol lof over de snelle besluitvorming rond de vluchtelingencrisis. Zo zijn er heldere afspraken met Turkije gemaakt en is de instroom van vluchtelingen via Griekenland sterk afgenomen. Dit alles ondanks de turbulente tijd waarin Nederland het voorzitterschap had, met de aanslagen in Brussel als absoluut dieptepunt.
Met name op het gebied van sociale zaken en werkgelegenheid is het voorzitterschap voor mij echter uitgelopen op een grote teleurstelling. Dit was een prachtige kans om stappen te zetten op om bijvoorbeeld grensarbeid eenvoudiger te maken, het vrij verkeer van werknemers in Europa eerlijker te maken en verdringing op de arbeidsmarkt aan te pakken. Het Nederlands voorzitterschap heeft deze kans echter volledig laten schieten en dat is jammer.

Sommige onderwerpen op de agenda worden nu verder opgepakt door Slowakije. Zo zullen ook de Slowaken zich inzetten voor duurzame en werkbare oplossingen op het gebied van migratie. Ook de versterking van de interne markt, met specifieke aandacht voor betaalbare groene energie, staat hoog op het prioriteitenlijstje van de Slowaakse regering. Wel leggen de Slowaken hun eigen accenten met specifieke aandacht voor het Europese cohesiebeleid en met een grotere rol voor Europa als diplomatieke speler van wereldniveau.


Feestelijke uitreiking in Valkenburg
In de nieuwsbrief van juni schreef ik over de toekenning van de Prijs van de Europese Burger 2016 aan de Euro-Chess Foundation. Op maandag 27 juni was het zo ver en vond de uitreiking van deze prijs plaats in Valkenburg. Samen met burgemeester Martin Eurlings had ik de grote eer om de medaille te overhandigen aan de voorzitter van de stichting, de heer Pierre Keune.

Het was een mooie en hartverwarmende middag, waarbij uiteraard een potje schaken niet mocht ontbreken. Dat ik daarbij vakkundig en terecht van het schaakbord geveegd werd door Euro-Chess-deelnemer Dave, was het enige smetje op de dag...


Betere bescherming van onze buitengrenzen
Het Europees Parlement heeft afgelopen woensdag ingestemd met het instellen van de Europese grens- en kustwacht. Binnen een half jaar is van de wens voor betere grensbewaking realiteit geworden, waarmee belangrijk achterstallig onderhoud aan de gezamenlijke grensbewaking wordt ingehaald. Hier vindt u mijn inbreng in het plenaire debat daarover en een link naar het persbericht.



Eerlijke belastingheffing voor iedereen
De “onderzoekscommissie voor fiscale rulings en andere maatregelen van vergelijkbare aard of met vergelijkbaar effect”, of in het kort de commissie TAX2, heeft haar rapport gepresenteerd in de plenaire vergadering van deze week. In dit rapport benoemt de commissie, die fiscale trucs om belastingen te ontwijken heeft onderzocht, zowel de oorzaken als oplossingen voor het probleem van belastingontwijking.

Hoewel een deel van het rapport achterhaald is door recente ontwikkelingen, vinden we het belangrijk nu een signaal af te geven dat ook multinationals een eerlijk belastingtarief moeten betalen. De landen en bedrijven die onderdeel zijn van het probleem worden nu onderdeel van de oplossing.

De Europese Commissie heeft eerder dit jaar een nieuw pakket maatregelen voorgesteld, zodat de lidstaten zelf stappen kunnen zetten om schadelijke belastingontwijking tegen te gaan. Bedrijven worden nu meer betrokken bij het onderzoeken van realistische oplossingen. Samen kunnen we werken aan een duurzame, internationale oplossing. Daarom ben ik tevreden met het werk van de commissie. Er is immers nog veel werk aan de winkel om een eerlijke interne markt te garanderen voor alle bedrijven, van de grote internationale koffiezaak tot de bakker op de hoek van de straat.


Wist u dat...
... er tussen juli 2014 en december 2015 in totaal 392.327 bezoekers in het Europees Parlement zijn geweest

... ik in dezelfde periode ruim 2000 bezoekers heb mogen ontvangen in het Parlement

... wanneer u niet een van hen was, maar wel graag naar Brussel of Straatsburg wilt komen, dit kunt laten weten door te mailen naar jeroen.lenaers@europarl.europa.eu

... het CDA, samen met andere Europese Christendemocratische partijen, deel uitmaakt van de Europese Volkspartij (EVP)

... de EVP is opgericht op 8 juli 1976 en vandaag dus precies 40 jaar bestaat! Hoera!


Meer kansen voor mensen met beperkingen

Vrijdag heeft het parlement een rapport aangenomen over de uitvoering van het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een beperking. Het is voor het Europees Parlement van groot belang dat ook mensen met een lichamelijke beperking hun talenten kunnen ontplooien. Ik onderstreep dit streven natuurlijk van harte. Mensen met bijvoorbeeld een visuele beperking kunnen door relatief simpele ingrepen een veel hogere kwaliteit van leven bereiken en zo nog meer bijdragen aan onze maatschappij. Door het aanbieden van redelijke aanpassingen kunnen ook complicaties in de zorg voorkomen worden en mensen met een beperking vaak langer aan het werk blijven. Zo geven we mensen hun zelfstandigheid terug.

Hier zitten ook grote kansen voor het Nederlandse midden- en kleinbedrijf. Door als sector normen en standaarden in lijn te brengen met het verdrag, wordt het makkelijker om producten te exporteren. Ook maken we het voor mantelzorgers eenvoudiger om voor hun naasten te zorgen, zonder zich zorgen te hoeven maken over allerlei verschillende regeltjes of hoge kosten.


Werkbezoek aan eu-LISA
Voorafgaand aan de plenaire zitting heb ik maandag een werkbezoek gebracht aan het Europees agentschap eu-LISA. Gelegen in het midden van een woonwijk aan de rand van Straatsburg, is dit agentschap gehuisvest in een goed beveiligde bunker. Dit betrekkelijk onbekende agentschap vervult op de achtergrond belangrijke functies. Hier staan namelijk de databases en de nodige computerkracht waarop belangrijke Europese computersystemen draaien op het gebied van visumverlening, migratie en veiligheid. De systemen zijn via nationale contactpunten verbonden met ambtenaren over de hele wereld. Of het nu gaat om een politieagent aan de Letse grens, een consulaatmedewerker op de Nederlandse ambassade in Thailand of een medewerker in een asielzoekerscentrum in Griekenland, allemaal maken ze gebruik van deze Europese ICT-systemen.

Door de toegenomen terroristische dreiging en de migratiecrisis is duidelijk geworden dat deze systemen aan herziening toe zijn en dat er gekeken moet worden hoe datasystemen aan elkaar gekoppeld kunnen worden bijvoorbeeld in het kader van terrorismebestrijding. De komende maanden zal ik meeschrijven aan het rapport over het EURODAC-systeem. Hierin worden de vingerafdrukken opgeslagen van mensen die een asielaanvraag hebben gedaan of betrapt zijn op het illegaal oversteken van de Europese buitengrenzen. Ook mensen die zonder status in één van de lidstaten verblijven en ontdekt worden, zullen opgeslagen worden in het systeem zodat de terugkeer naar het land van herkomst te bevorderen.

 

Nieuwsbrief juni 2016

 

Beste Mensen

Het zijn zware tijden voor een Nederlander in Europa. Overal waar je komt in Europa word je geconfronteerd met voetbalreclames, versieringen en gadgets in de nationale kleuren van het betreffende land. De grote meerderheid van mijn collega´s kijkt reikhalzend uit naar de start van het EK-Voetbal in Frankrijk vandaag, en laat het ook zeker niet na (met name de Duitsers en de Belgen) om mij via grappig bedoelde opmerkingen continu te herinneren aan de afwezigheid van ‘Oranje’ in Frankrijk.

Welk land ik ga ondersteunen, is nog de grote vraag. Duitsland gaat me te ver, Spanje heeft al te veel gewonnen, België krijgt een beetje te veel ‘Hollandse arrogantie’ en als Engeland wint, dan kan ik mijn Engelse schoonfamilie niet meer onder ogen komen...

Ik kan me in ieder geval de komende weken fijn op het werk concentreren. Volgende week zal ik een bezoek brengen aan de hotspots en vluchtelingenkampen in Griekenland, om de situatie daar te evalueren. Tegelijkertijd ben ik gestart met mijn werk als EVP-fractiewoordvoerder voor de herziening van de Europese verordening voor het registreren van vingerafdrukken ten behoeve van het migratiebeleid (Eurodac). Genoeg omhanden dus, ook zonder EK!

Lees gerust verder voor een verslag van wat we de afgelopen weken al gedaan hebben!

Vele groeten,

Jeroen




Hoog bezoek in het Europees Parlement!
Op woensdag 25 mei kleurde het Europees Parlement oranje door het bezoek van Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander. De plenaire vergadering van het Parlement begon met de toespraak van ons staatshoofd die voornamelijk in het teken stond van de gedeelde Europese waarden. De koning wees de lidstaten er terecht op dat naast de liefde voor hun eigen land, zij nooit mogen vergeten wat de Europese beschaving ons heeft gebracht. "Persoonlijke vrijheid en menselijke waardigheid, gelijkgerechtigdheid en medemenselijkheid" zijn de waarden die Europa juist zo sterk maken. Door samenwerking moeten we, vooral in de huidige turbulente tijden met de vluchtelingencrisis en de dreiging van terrorisme, deze waarden koesteren en beschermen. Tevens moeten we ervoor zorgen dat toekomstige generaties ook in vrede en veiligheid kunnen leven. Het zijn woorden waar ik me volledig bij aansluit.

Ook ging hij in op de actuele ‘Brexit-discussie’. Hij vergeleek de EU met een boeket bloemen en benadrukte dat Europa in haar verscheidenheid één is. “Het Europees boeket is niet compleet zonder de Spaanse anjer, de Franse fleur-de-lys, de Griekse acanthus, de Deense margriet, de Duitse korenbloem, de Oostenrijkse edelweiss, de Kroatische iris en de Nederlandse en Hongaarse tulpen. En niet zonder de English rose.”

Mensenrechten in Vietnam
Naast een goede samenwerking binnen Europa is het voor de EU ook belangrijk dat we goede relaties onderhouden met derde landen. Een van deze derde landen is Vietnam. Als vicevoorzitter van de delegatie voor relaties met de ASEAN-landen was ik deze week betrokken bij een resolutie over Vietnam. In deze resolutie richt het parlement zich voornamelijk op gevallen van schendingen van mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat. Vietnam is een belangrijke partner van de EU. Als Parlement hebben we een aantal maanden geleden met grote meerderheid de Partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst verwelkomd en ook de onderhandelingen over het vrijhandelsverdrag tussen de EU en Vietnam zijn afgerond.

Men kan dus wel stellen dat de relatie tussen de EU en Vietnam sterk is. Daarom is het juist van groot belang dat een goede discussie over fundamentele vrijheden in Vietnam een cruciaal onderdeel van die relatie is. De resolutie onderschrijft terecht een aantal problemen in Vietnam. Het gaat dan over het onderdrukken, het intimideren, en het vervolgen van bloggers en activisten. Ook de onderdrukking van religieuze minderheden en het gebrek aan pers- en meningsvrijheid blijven grote problemen voor Vietnam. Het is aan de EU om alle mogelijkheden te gebruiken binnen de partnerovereenkomst en het vrijhandelsverdrag om Vietnam tot positieve veranderingen aan te sporen.

Wist u dat...
... het Europees Parlement bestaat uit 751 leden uit 28 verschillende landen
... deze leden sinds 1979 rechtstreeks gekozen worden door de Europese bevolking
... de president van Bulgarije afgelopen woensdag het Europees Parlement toesprak
... de vergaderingen van het Europees Parlement ook thuis live te volgen zijn
... de Republiek Italië deze maand haar 70ste verjaardag viert


Euro-Chess Foundation wint Prijs van de Europese Burger 2016
Naast de vele vergaderingen en stemmingen in het Parlement afgelopen week werd ook bekend gemaakt welke Europese personen en organisaties dit jaar onderscheiden zullen worden met de Prijs van de Europese Burger. Tot mijn blijde verrassing behoort ook de stichting die ik genomineerd heb, tot de prijswinnaars.

Al verschillende jaren volg ik het goede werk van de stichting “Euro-Chess Foundation” en ik ben steeds weer onder de indruk van wat de vrijwilligers van de stichting voor elkaar krijgen. Jaarlijks organiseren zij een internationaal schaaktoernooi voor jongeren met of zonder een visuele of lichamelijke beperking. Tijdens het 4-daagse evenement komen jongeren uit 7 lidstaten bij elkaar om te schaken tegen grootmeesters, elkaars culturen te ontdekken en nieuwe vriendschappen te sluiten.
Ik ben dan ook ontzettend blij voor de stichting en de drijvende krachten hierachter, zoals de heer Pierre Keune, dat ze nu ook Europese waardering voor hun prachtige werk krijgen.

De Prijs van de Europese Burger wordt jaarlijks toegekend door het Europees Parlement aan maximaal 50 personen of organisaties in de EU die zich hebben ingezet voor Europese samenwerking en wederzijds begrip tussen de burgers van de Unie. In Nederland werd de prijs, naast Euro-Chess, ook verleend aan VluchtelingenWerk Nederland.

Naar eerlijke prijzen in de voedselvoorzieningsketen

In Europa gaat het vaak over een eerlijke arbeidsmarkt en ‘fair play’ in het voetbal, maar hoe zit het eigenlijk met eerlijke handel in onze voedselvoorzieningsketen? Als Europees Parlement hebben we deze week opgeroepen om oneerlijke handelspraktijken in de voedselvoorzieningsketen tegen te gaan.

Het gaat hierbij om het verbeteren van de vaak oneerlijke positie van boeren en producenten. Zij horen een eerlijke prijs te krijgen voor het werk en de producten die ze leveren. Nu verdwijnt het grootste deel van de winst op agrarische producten naar supermarkten en inkopers vanwege hun grote marktmacht. Van de prijs van een liter melk in de supermarkt gaat maar een heel klein gedeelte rechtstreeks naar de melkboer. Als CDA vinden we dat de winst op deze producten veel eerlijker verdeeld moet worden.

Die grote marktmacht komt voort uit het feit dat er een aantal grote handelsbedrijven zijn die een dominante positie hebben tegenover de kleine producenten. De grote inkopers hebben dus de macht om de prijzen voor de agrarische producten vast te stellen. Ik sluit me dan ook aan bij mijn collega Lambert van Nistelrooij dat het van groot belang is dat we de bestaande mededingingsregels beter gaan toepassen.


Bremain or Brexit - that is the question
Blijft het Verenigd Koninkrijk (VK) na 23 juni in de Europese Unie, Bremain, of kiest het Britse volk in een referendum ervoor om de EU te verlaten, Brexit?

Over een kleine twee weken mogen de Britten naar de stembus gaan, waarbij ze zich kunnen uitspreken over het Britse lidmaatschap van de EU. Waar gaat dit ontzettend belangrijke referendum over en wat staat er op het spel? Ik zal het voor u proberen te verduidelijken.

Verwachtingen 23 juni
Afgaande op de peilingen - waar men zich zeker niet op moet blindstaren - lijkt het erg ‘close’ te worden op 23 juni. Sommige peilingen wijzen op een nipte meerderheid voor de mensen die willen dat het VK de EU verlaat, terwijl andere peilingen een krappe meerderheid voor de voorstanders van de EU verwachten. In de komende twee weken zal dus nog flink campagne gevoerd worden door beide kampen. Er zijn twee belangrijke zaken die bepalend zullen zijn voor de uitslag:

Ten eerste de ‘undecideds’, de zwevende kiezers. Zij vormen in de peilingen tussen de 10% en 16% van het electoraat en kunnen het resultaat een bepaalde kant op laten vallen. Volgens analisten blijkt vaak bij een referendum dat de twijfelaars uiteindelijk toch liever voor de status quo gaan, en dat zou in dit geval dus goed zijn voor het Bremain-kamp.

Ten tweede de hoogte en samenstelling van de opkomst. Als jongeren massaal naar de stembus gaan, komt het goed, als het overwegend ouderen zijn die gaan stemmen, zal een Brexit waarschijnlijker zijn. Wanneer de opkomst laag is (50% of lager) is de kans ook groot op een Brexit; bij een hoge opkomst is (65% of hoger) is de kans groter op een Bremain.

Wat gebeurt er op 24 juni?
Bremain
Bij een meerderheid vóór verlengd lidmaatschap zal de EU aan de slag moeten met het pakket dat premier David Cameron in februari heeft gesloten met de EU en dat zich richt op 4 terreinen:

• Monetair beleid: eurolanden moeten rekening houden met de effecten van het eurozone-beleid op niet-eurolanden.
• Concurrentiepositie: minder bureaucratie, administratieve lasten en minder kosten - met name voor het midden- en kleinbedrijf - en volledige aandacht voor het functioneren van de interne markt.
• Soevereiniteit: De zin “ever closer Union” (steeds hechter wordende Unie) zal bij een volgende verdragswijziging niet meer van toepassing zijn op het VK. Daarnaast wordt de invloed van nationale parlementen groter.
• Sociaal beleid/vrij verkeer: dit houdt twee wijzigingen van EU-wetgeving in.
Ten eerste wordt het mogelijk om de kinderbijslag van EU-werknemers in het buitenland te indexeren naar het niveau van het land van herkomst, wanneer de kinderen daar nog wonen. Ten tweede wil het VK een zogeheten noodremmechanisme in het leven roepen wanneer het stelsel van stelsel van sociale zekerheid te zwaar onder druk komt te staan. Dit mechanisme stelt lidstaten in uitzonderlijke situaties toe om bepaalde sociale voorzieningen niet aan buitenlandse EU-werknemers toe te kennen voor een periode van maximaal 4 jaar.

Als CDA in het Europees Parlement hebben we onze steun uitgesproken voor deze vier punten. Het is dan ook onze prioriteit om snel na het referendum, bij een positieve uitslag dus, aan de slag te gaan met de procedures om de relevante richtlijnen te veranderen. Dit zal echter nog een behoorlijke strijd worden in het Europees Parlement.

Brexit

Als de Britten voor een Brexit kiezen, krijgen we te maken met een nieuwe, niet eerder gebruikte procedure: artikel 50 van het Verdrag van Lissabon. Premier Cameron zal de andere lidstaten officieel moeten inlichten over de wens van het VK om de EU te verlaten. Vanaf dat moment gaat de klok lopen en is er twee jaar tijd om een akkoord te sluiten over een uittredingsverdrag. Dat akkoord moet vervolgens door het Europees Parlement goedgekeurd worden én door een gekwalificeerde meerderheid van 20 van de 27 lidstaten die ook nog minstens 65% van de Europese bevolking vertegenwoordigen.

Ik kan niet anders dan concluderen dat het VK zich in een slechte onderhandelingspositie bevindt. Geen enkele serieuze analist gelooft dat twee jaar voldoende is om zo'n akkoord op een goede manier uit te onderhandelen. Vergeet niet dat we veertig jaar van steeds nauwere en hechtere samenwerking achter ons hebben. Daarnaast kosten onderhandelingen simpelweg meer tijd. Nu kan de deadline verlengd worden, maar alleen met unanimiteit, wat betekent dat elke lidstaat, klein of groot, dwars kan gaan liggen om zo het VK tot bepaalde concessies te dwingen. Ook de sfeer zal allesbehalve goed zijn: je mag niet verwachten dat een lidstaat die de gezamenlijke tafel verlaat, ook zomaar het tafelzilver meekrijgt.

Economisch lijkt het voor de EU ook minder noodzakelijk om water bij de wijn te doen dan voor het VK. De helft van de Britse export gaat naar de EU, terwijl vanuit de EU 'maar' 10% van de export naar het VK gaat. Met andere woorden: voor het VK staat er een stuk meer op het spel dan voor de EU. Echter, hierin schuilt een tamelijk groot probleem voor Nederland. Nederland en Duitsland zijn samen verantwoordelijk voor meer dan de helft van het Europese handelsoverschot naar het VK. Moeizame onderhandelingen zullen daarom vooral een groot effect hebben op ons.

Als Nederland komen we dan in een lastig dilemma: aan de ene kant speelt natuurlijk de overweging dat een land dat de EU verlaat, niet zomaar voor een dubbeltje op de eerste rang mag zitten. Aan de andere kant is het in ons eigen belang dat er een goede oplossing komt voor onze handel met het VK. In dit dilemma zullen we de komende jaren behoedzaam moeten optreden. Kortom, een reden te meer om te hopen op een meerderheid voor het Bremain-kamp!

Migratieplannen Commissie

Deze week eindelijk een migratiedebat met toekomstplannen. De laatste tijd is Europa met veel symptoombestrijding en achterstallig onderhoud bezig geweest, maar we zullen ook ideeën moeten hebben voor de toekomst. Het Commissievoorstel over de herziening van de ‘blue card’-richtlijn poogt nieuw leven in te blazen in een voorstel om internationaal hooggeschoold talent naar de EU te laten komen. Dit beleid heeft de afgelopen jaren niet naar behoren gewerkt en is dus nodig aan vernieuwing toe. Hier vindt u mijn inbreng in het plenaire debat daarover.

Migratiestrategie voor Afrika
De problematiek die ten grondslag ligt aan de migratiestroom uit Afrika is anders dan de vluchtelingenstroom uit Syrië vanwege het hoge percentage aan economische vluchtelingen. In de dinsdag gepresenteerde plannen van de commissie wil men, door middel van politieke inzet van investeringen en handelsakkoorden, harde afspraken maken met landen van oorsprong en doorreis over het terugnemen van economische migranten. Het terugkeerbeleid is namelijk de achilleshiel van onze migratieaanpak. Voor de terugkeer van afgewezen asielzoekers ligt het Europees gemiddelde op 40%. Voor de terugkeer naar sommige Afrikaanse landen is dat zelfs maar 16%. Met het vooruitzicht van een structurele en stijgende instroom per jaar uit Afrika moet dit percentage echt omhoog. Het is noodzakelijk, ook in het belang van Europa, om een bijdrage te leveren aan de aanpak van structurele problemen op het Afrikaanse continent. Zeker gezien het feit dat bijna de helft van de groei van de wereldbevolking tot 2050 in Afrika zal plaatsvinden. Europa moet dan echter ook op de hulp van de Afrikaanse landen kunnen rekenen waar het gaat om het aanpakken van illegale migratie en mensensmokkel. Luister naar mijn commentaar op BNR-radio


Debat CIA-martelpraktijken

Al meerdere malen heeft het Europees Parlement zijn afschuw uitgesproken over de martelpraktijken van de CIA in de nasleep van 9/11. Als EP hebben we onze bijdrage geleverd aan het boven tafel krijgen van informatie, maar we moeten ook erkennen dat het aan nationale parlementen en rechters is om hier vervolg aan te geven. Zie hier mijn bijdrage tijdens het debat.
 

 

Nieuwsbrief mei 2016

Europees Parlement akkoord met nieuw mandaat voor Europol
Europol is misschien wel één van de belangrijkste agentschappen die Europa kent. In deze in Den Haag gevestigde organisatie zitten vertegenwoordigers van alle Europese politiediensten letterlijk bij elkaar op de gang om effectieve onderlinge samenwerking mogelijk te maken. Sinds haar oprichting is het belang van deze organisatie alsmaar toegenomen en is het nu niet meer weg te denken uit de Europese veiligheidsketen. Het agentschap speelt op vele Europese thema's een onmisbare rol, denk daarbij aan het Europees antiterreurbeleid, de aanpak van mensenhandel en het opsporen van cybercriminaliteit.

Het is te verwachten dat de rol van Europol alleen maar zal toenemen de komende jaren, daarom heeft het Europees Parlement deze week gestemd over een nieuw mandaat voor de organisatie zodat het ook de komende jaren effectief kan optreden.

Ik ben voornamelijk tevreden dat het opsporen en verwijderen van radicaliserende boodschappen op internet een kerntaak van het agentschap wordt. Veel Syriëgangers zijn in Europa geradicaliseerd door haatzaaiende berichten van bijvoorbeeld Islamitische Staat. Juist omdat IS zo effectief gebruik maakt van het internet is de noodzaak hoog daar een passend Europees antwoord op te geven. Eén speciaal daartoe opgerichte afdeling binnen Europol die namens alle lidstaten radicaliserende boodschappen in de gaten houdt en nauw samenwerkt met bedrijven als Twitter en Facebook zorgt voor deze passende, snelle en gecoördineerde aanpak.

Ook de politieke controle op de werkzaamheden van Europol gaat er nu anders uitzien. Dit zal worden gedaan door een speciaal daartoe opgerichte parlementaire groep bestaande uit zowel parlementariërs uit het Europees Parlement als parlementariërs uit de verschillende nationale parlementen.


De Charlemagneprijs voor paus Franciscus.
Paus Franciscus heeft één van de meest prestigieuze Europese prijzen in ontvangst mogen nemen. Op 6 mei reikten de voorzitters van de drie grote Europese instellingen - de heren Juncker, Schulz en Tusk - de Charlemagne-prijs aan hem uit. Sinds 1950 vindt deze jaarlijkse uitreiking doorgaans plaats in de Duitse stad Aken, maar dit jaar mocht de paus zijn prijs na afloop van de mis in de Sint-Pietersbasiliek in Rome in ontvangst nemen.

Andere grote namen zoals Angela Merkel, Robert Schuman en Bill Clinton hebben deze beloning, ter onderscheiding van uitzonderlijke werkzaamheden in dienst van de Europese eenheid, al eerder verdiend. Aan de lijst wordt nu ook paus Franciscus toegevoegd, die de prijs mede ontving door zijn inspanningen om de Europese waarden van vrede, tolerantie en solidariteit te bevorderen. Ook de vele internationale reizen die hij als paus heeft gemaakt zijn van groot (politiek) belang. Zo ontmoette hij de patriarch van Moskou op Cuba. Beiden kerkleiders waren op reis in Latijns-Amerika en zagen Cuba als neutrale plek voor een ontmoeting ter bevordering van hun onderlinge relatie. Ook betuigde hij zijn medeleven aan de vluchtelingen op Lesbos en Lampedusa.

Europese eenheid en solidariteit staan centraal in de werkzaamheden van de paus en dit kwam dan ook terug in zijn toespraak na ontvangst van de prijs. Hierin stelde hij dat Europa de principes die zijn vastgesteld na de Tweede Wereldoorlog moet bewaken en koesteren. Daarnaast deed hij een aantal kritische uitspraken over de positie van de Europese Unie in de vluchtelingencrisis, het Europees economisch model en de problemen rondom jeugdwerkloosheid. Zorgen waren er ook over het referendum in het Verenigd Koninkrijk in juni.

Ik vind dat de paus in zijn toespraak een aantal terechte punten aansnijdt want juist in deze tijd is het belangrijk dat lidstaten over hun eigen schaduw en nationale ego's heen stappen en laten zien dat ook de "U" van Europese Unie nog iets betekent. Lidstaten kunnen de huidige uitdagingen, zoals de strijd tegen het terrorisme en de vluchtelingencrisis niet individueel aanpakken.


Toegang tot de Europese Unie voor niet-Europese studenten en onderzoekers
Een Nederlandse onderzoeker of student kan zonder veel problemen een buitenlandervaring opdoen als onderdeel van zijn carrière. Voor mensen uit een niet-Europees land is het realiseren van een onderzoek, studie of stage in Europa een stuk moeilijker. Vaak zijn de bestaande regels over toegang en verblijf niet duidelijk en bieden ze geen oplossing voor bepaalde problemen. Met de economische en demografische uitdagingen zoals de vergrijzing waarmee Europa geconfronteerd wordt is het juist erg belangrijk om hooggekwalificeerde mensen naar Europa te halen.

De goedkeuring van het wetsvoorstel van de Commissie over een vereenvoudiging en verbetering van de voorwaarden voor toegang en verblijf van niet-Europese studenten en onderzoekers is daarom hard nodig. Ik ben dan ook blij dat het Parlement het voorstel afgelopen woensdag heeft aangenomen.

De belangrijkste punten van de richtlijn zijn dat er een specifieke termijn is ingesteld voor de afronding van een aanvraagprocedure en dat personen vóór de aanvraagprocedure informatie ontvangen over de voorwaarden. Daarnaast mogen niet-Europese studenten in Europa door deze richtlijn tot 15 uur per week werken en krijgen ze minstens 9 maanden na de afronding van hun studie, stage of onderzoek de mogelijkheid om een baan te zoeken of een bedrijf te beginnen. Een ander belangrijk punt is om de mobiliteit van de onderzoekers of studenten te vereenvoudigen en bevorderen. Zo kunnen ze door deze nieuwe regeling hun tijd in verschillende lidstaten doorbrengen zonder dat ze voor iedere lidstaat een nieuw verzoek moeten indienen.

Ik zie dit als een goede zaak want als de Europese Unie competitief wil blijven zullen we potentiële werknemers de mogelijkheid moeten bieden om in Europa kennis te verwerven en te verspreiden.


Debat over visumliberalisatieTurkije
Hoeksteen van de EU-Turkije migratieafspraken van afgelopen maart is het visumliberalisatieproces. De onderlinge afspraak is dat Turkije na voltooiing van 72 voorwaarden de mogelijkheid krijgt om visumvrij naar Europa te reizen. In mijn bijdrage aan het plenaire debat heb ik duidelijk gemaakt dat ik met grote zorgen kijk naar de ontwikkelingen rondom deze deal. Het aanspreekpunt voor Europa in Ankara, premier Davuto─člu, is afgelopen week aan de kant geschoven en president Erdo─čan bekritiseert Europa dagelijks. Daarnaast heeft hij aangegeven de Turkse antiterreurwet niet te willen herzien, wat wel één van de 72 voorwaarden is.

Het CDA zal niet met de visumliberalisatie instemmen als niet aan alle 72 voorwaarden wordt voldaan. De Turkse antiterreurwetgeving wordt te pas en te onpas gebruikt om oppositie, journalisten of studenten op te sluiten op verdenking van terrorisme. Om aan dit misbruik een einde te maken dient de wetgeving in lijn worden gebracht met internationale standaarden. Een ander belangrijk punt is dat in Nederland veroordeelde Turkse criminelen nog altijd in Turkije op vrije voeten kunnen rondlopen. De voorwaarde die effectieve justitiële samenwerking verplicht waaronder het sluiten van uitleveringsafspraken met alle EU lidstaten moet ervoor zorgen dat dit niet langer mogelijk is. Daarnaast maak ik me zorgen over de berichten dat vluchtelingen door Turkse grenswachten beschoten zijn, terwijl de Europese Commissie claimt dat Turkse wetgeving op het gebied van grensbewaking volgens internationaal vluchtelingenrecht geregeld is.

De 72 voorwaarden zijn meer dan een reeks punten die afgevinkt moeten worden. Voor mij is belangrijk dat men niet alleen de wetgeving aanpast en dat het dan bij een papieren werkelijkheid blijft. De daadwerkelijke implementatie van die wetgeving is waar het om gaat en het hoge tempo waarmee de Turkse regering tot nu toe aan haar verplichtingen heeft gewerkt doet mij twijfelen over de kwaliteit. Een oplossing zou externe toetsing kunnen zijn door bijvoorbeeld de Commissie van Venetië. Dit belangrijk onafhankelijk adviesorgaan kan door haar lange ervaring op het gebied van wetswijzigingen goed beoordelen of de gemaakte aanpassingen ook daadwerkelijk duurzaam zullen zijn.


Tien lidstaten verzetten zich tegen plannen over eerlijke concurrentie op arbeidsmarkt

De parlementen in tien lidstaten verzetten zich tegen de detacheringsplannen van Eurocommissaris Thyssen. Over de inhoud van deze plannen schreef ik al in mijn nieuwsbrief van maart j.l..

De bezwaren van deze lidstaten betekenen dat de Europese Commissie de plannen moet gaan heroverwegen. Op welke termijn is nu nog niet duidelijk, maar dit levert sowieso opnieuw vertraging op. Het is ontzettend jammer dat de Centraal- en Oost-Europese landen, met behulp van Denemarken, de goede plannen van mevrouw Thyssen voorlopig tegenhouden. De herziening van de detacheringsrichtlijn is nu immers hard nodig om de verdringing op de arbeidsmarkt en oneerlijke concurrentie tegen te gaan. We hoeven maar te denken aan de Portugese werknemers die aan de A2-tunnel in Maastricht werkten. Zij waren - via een Iers uitzendbureau - werkzaam voor een lager salaris dan wettelijk toegestaan. Voor een Nederlandse opdrachtgever zijn deze arbeidskrachten veel goedkoper en dus aantrekkelijker. Dit moeten we echter niet willen. Alleen al daarom moeten er betere, duidelijkere en actuelere regels komen voor detachering. Zo is het een goede zaak dat de maximale duur van detachering wordt vastgelegd. In de plannen van Marianne Thyssen wordt de periode van de detachering tot 2 jaar beperkt, wij zouden graag zien dat de detacheringsduur een halfjaar bedraagt. Na deze periode gaat dan de sociale wet- en regelgeving van het 'werkland' gelden.

Nederland is momenteel voorzitter van de Europese Raad. Minister Asscher, nu dus tijdelijk de leidende figuur binnen de Raad op het gebied van sociale zaken, heeft altijd gezegd dat hij werk zou maken van het beginsel "Gelijk loon voor gelijk werk op dezelfde plek". In 2013 kondigde minister Asscher de zogeheten Code Oranje aan. Volgens hem zouden laagopgeleiden in de rijke landen de dupe zijn van arbeidsmigratie en hij zou deze negatieve neveneffecten gaan bestrijden. We zijn nu bijna 3 jaar verder, maar tot op heden heeft hij deze woorden nog niet waar kunnen maken. De minister zal het dus nu - en hij heeft daarvoor nog maar anderhalve maand - moeten regelen, want de komende voorzitterschappen, voornamelijk uit Centraal- en Oost-Europa, zullen hier geen prioriteit van maken, integendeel zelfs.

Kortom, het is erg spijtig dat de plannen van Commissaris Thyssen vooralsnog in de ijskast worden gezet. In haar voorstellen waren al verschillende handreikingen gedaan naar de Centraal- en Oost-Europese landen. Daarom baal ik van de opstelling van deze landen en ik hoop dat minister Asscher binnen de Raad, met zijn collega´s uit die landen, snel tot een constructieve oplossing komt!


Plenair debat over nieuwe voorstellen voor Europese asiel- en migratiewetgeving

De Europese Commissie heeft zich voorgenomen het gemeenschappelijk Europees Asielsysteem grondig aan te passen. Het eerste pakket aan wetsvoorstellen daartoe is woensdag plenair besproken. Dat het hoogtijd is om het huidige systeem aan te passen is iedereen duidelijk, het systeem rammelt sinds de vluchtelingencrisis van afgelopen zomer aan alle kanten. Landen waar vluchtelingen binnenkomen en landen waar vluchtelingen naartoe reizen, zoals Duitsland en Nederland, zijn in de steek gelaten door de rest van Europa. Voor dat fundamentele probleem moet een oplossing gevonden worden. De Europese Commissie wil de kop-in-het-zand-politiek van vele Oost-Europese landen nu doorbreken door een financiële solidariteitsverplichting in te stellen voor lidstaten die niet meedoen aan het opvangen van vluchtelingen. Ik sta daar niet afkeurend tegenover, we hebben lange tijd ons best gedaan om goedschiks tot een fatsoenlijke oplossing te komen, aangezien dat tot niets heeft geleid moet het maar kwaadschiks.

Ik ben ook tevreden met het plan van de Commissie om de leeftijdsgrens voor het afnemen van vingerafdrukken flink te verlagen. Deze grens gaat van 14 jaar naar 6 jaar. Steeds meer vluchtelingenkinderen in Europa raken zoek omdat ze door de huidige regels niet traceerbaar zijn. We weten van 10 tot 20 duizend onbegeleide minderjarigen niet waar ze zijn en beschikken vaak ook niet over persoonsgegevens of vingerafdrukken. Om de traceerbaarheid van deze kinderen te verbeteren is het cruciaal om de leeftijdsgrens voor het afnemen van vingerafdrukken te verlagen.

 

Nieuwsbrief april 2016

Studeren in het buitenland is ook voor mbo- studenten
Veel media-aandacht afgelopen dinsdag voor mijn werk ter bevordering van grensoverschrijdende mobiliteit voor beroepsopleidingen onder het Europese Erasmus+ programma. Dit programma biedt mogelijkheden voor studenten om in het buitenland te studeren of stage te lopen. Erasmus+ heeft veel succes en zorgt ervoor dat jaarlijks duizenden jonge Europeanen de grens over kunnen om te studeren, maar het succes betreft tot nu toe voornamelijk studenten uit het hoger- en wetenschappelijk onderwijs. Er is nog te weinig aandacht specifiek voor mobiliteit in het beroepsonderwijs. Terwijl veel mbo-studenten en scholieren op zich wel internationale ervaring willen opdoen voor hun studie maar worden tegengehouden door praktische overwegingen zoals de kosten die hieraan verbonden zijn. Daarnaast is het voor hen vaak een grote stap om in het buitenland te gaan studeren omdat ze gemiddeld relatief jong zijn. Ik pleit daarom voor de mogelijkheid waarbij deze studenten wel hun internationale ervaring kunnen opdoen, maar niet verplicht zijn om ook in het desbetreffend land te wonen om financiële steun te ontvangen. Zeker voor scholieren in de grensprovincies kan dit van grote toegevoegde waarde zijn. Een mbo-student uit bijvoorbeeld Sittard zou dan in Aken stage kunnen lopen, terwijl hij thuis blijft wonen en gecompenseerd wordt voor het pendelen.

Naast dat internationale ervaring goed is voor de persoonlijke ontwikkeling van mbo studenten, verbetert deze ervaring ook hun positie op de arbeidsmarkt. Op dit moment hebben we in Europa te maken met een hoge jeugdwerkloosheid. We zien bijvoorbeeld in onze eigen grensregio´s in Nederland dat er in Noordrijn-Westfalen heel veel banen voor het oprapen liggen terwijl die op dit moment niet ingevuld worden door Nederlanders die aan dat profiel zouden kunnen voldoen. Het gaat dan zeker om banen op mbo-niveau, zoals in de industrie en in de ICT. In een grensprovincie als Limburg hebben we juist vrij veel jeugdwerkeloosheid in deze sectoren.

Ik zal me sterk maken voor een overname door de Europese Commissie van deze aanbevelingen van het Europees Parlement. Hierdoor zal er in de komende jaren ook meer mogelijkheden zijn voor mbo-studenten om die leuke en nuttige buitenlandervaring op te doen!


Europees Parlement eigen initiatiefrapport op EU asiel- en migratiebeleid
Het Europees Parlement heeft op eigen initiatief een rapport opgesteld waarin het lessen trekt uit de vluchtelingencrisis en een reeks aanbevelingen doet voor de toekomst. Het rapport is in nauwe samenwerking met de verschillende politieke fracties opgesteld en bekrachtigd tijdens de stemming van afgelopen dinsdag. Het is goed dat het Europees Parlement zich eensgezind op dit onderwerp opstelt om een sterk signaal af te geven naar de andere twee Europese instellingen: de Europese Raad en de Europese Commissie.

In het rapport geeft het Parlement haar visie op alle afzonderlijke beleidsonderdelen die deel uit maken van het EU asiel- en migratiebeleid. Denk daarbij bijvoorbeeld aan asielprocedures, de relatie met de Schengenzone, de aanpak van mensensmokkel, integratie van asielgerechtigden, de positie van kinderen, maar ten aanzien van het terugkeerbeleid en de betrekkingen met derde landen.

Het rapport komt op een belangrijk moment omdat de Europese Commissie afgelopen week de discussie heeft geïnitieerd over hoe het toekomstig EU asiel- en migratie beleid eruit moet gaan zien. Daarbij is de Commissie er schijnbaar zelf ook nog niet helemaal uit. Er zijn een aantal opties op tafel gelegd waarover het Parlement en de lidstaten, verenigd in de Raad, zich mogen uitspreken. Gaat men op grote lijnen verder met de huidige aanpak verder, waarbij het zwaartepunt ligt bij de lidstaten met een belangrijke ondersteunende rol voor de EU, of worden er verdere stappen gezet naar een echt gemeenschappelijk Europees asiel- en migratiestelsel?

Volgende week woensdag worden de voorstellen besproken in de commissie binnenlandse zaken en zal ik aan het debat deelnemen. Op basis van de respons zal de Commissie begin mei met een eerste pakket aan concrete voorstellen komen en eind juli een tweede pakket presenteren.


De creativiteit van belastingadviseurs
Ze zullen u zeker niet ontgaan zijn, de vele berichten over belastingontduiking die afgelopen weken de kranten vulden. Ook in het Europees Parlement kwamen de toegepaste 'belastingtrucs' meerdere malen ter sprake. De aanleiding hiertoe waren de op 3 april gepubliceerde Panama Papers die leidde tot veel “blaming and shaming” van onder andere toppolitici, rijke zakenlui en topsporters. Het moge duidelijk zijn dat dit zeer gevoelig onderwerp tot veel publieke verontwaardiging heeft geleid en internationale actie noodzakelijk is.

Na 'wikileaks' in 2010, 'offshore leaks' in 2013, 'luxleaks' in 2014 en 'Swissleaks' in 2015, kwamen in april 2016 de Panama Papers uit; een gegevenslek met een dermate grote hoeveelheid data dat een grootschalig journalistiek onderzoek nodig was. Enkel een klein deel van het onderzoek is reeds gepubliceerd terwijl het totale onderzoek pas begin mei bekend zal worden gemaakt.

De Panama Papers zijn gebaseerd op de gelekte documenten van een Panamese dienstverlener Massack Fonseca die brievenbusfirma’s oprichten in belastingparadijzen. Belastingparadijzen zijn gekenmerkt, zoals de naam al aangeeft, door de belastingvoordelen. Het is onder andere mogelijk om een bedrijf op te richten zonder dat de eigenaar woonachtig is in het desbetreffend land. Verder is er weinig of zelfs geen informatie vereist voor het opzetten van een bedrijf en zijn de belastingtarieven in deze landen vaak minimaal. Naast de Kaaimaneilanden, Malediven en Bermuda, is Panama een ander voorbeeld van een dergelijk belastingparadijs. Het oprichten van bedrijven in deze belastingparadijzen wordt vooral gebruikt om via deze weg zo weinig mogelijk belasting over hun vermogen te betalen. Het is niet illegaal en wordt dus ook niet als belastingfraude gezien. Vaak worden deze bedrijven echter wel opgericht voor illegale doeleinden onder andere het witwassen van geld (verdient met corruptie). Het moet dan ook per individuele zaak blijken voor welk doeleinden deze bedrijven en personen, die in de Panama Papers genoemd worden, deze belastingparadijzen gebruiken.

Afgezien van het doel waarvoor deze 'belastingtrucs' worden toegepast, lopen de Europese landen per jaar 50 tot 70 miljard euro mis door belastingontwijking en is internationaal actie dus hoog nodig. De Europese Commissie presenteerde dan ook afgelopen week haar plannen. Eerder dit jaar kwam de Commissie al met wetsvoorstellen die belastingontduiking moesten bemoeilijken maar legt de lat nu nog een stapje hoger. Een van de plannen is dat bedrijven niet alleen aan de Commissie en belastinginspecteurs hun omzet, winst en betaalde belastingen per land precies moeten doorgeven maar deze vervolgens ook voor burgers beschikbaar moeten stellen. Om de midden-en kleinbedrijven te beschermen geldt deze regel alleen voor bedrijven met een minimale jaaromzet van 750 miljoen en voor activiteiten binnen de Europese Unie.

Deze concrete plannen van de Commissie zijn een stap in de goede richting maar vanuit het Parlement zal er kritisch moeten worden gekeken naar de effectiviteit van deze plannen en de eventuele gevolgen wat het met zich meebrengt.

Nieuwe databeschermingswetgeving historische stap vooruit
Donderdag heeft de Europese Unie een grote stap gezet met de modernisering van databescherming. Na vier jaar van ingewikkelde onderhandelingen keurde het Parlement vandaag het pakket met ruime meerderheid goed. Ondanks enkele bezwaren heeft ook het CDA ingestemd met het akkoord, omdat het mensen beter zal beschermen en de interne markt, mits goed uitgevoerd, ook ten goede kan komen.

De huidige databeschermingsregels stammen nog uit 1995. De cassette walkman heeft ondertussen plaatsgemaakt voor de smartphone en men maakt tegenwoordig veel meer gebruik van de digitale wereld dan twintig jaar geleden en produceert bewust en onbewust veel gegevens. Nieuwe regels waren dus hard nodig ter bescherming van onze privacy en ook om gebruikers van data, zoals onderzoekers en bedrijven, duidelijke regels te geven voor het ontwikkelen van nieuwe mogelijkheden die deze data biedt.

Belangrijk aspect is dat de burger meer te zeggen krijgt over zijn eigen gegevens. Denk hierbij aan een verbeterd toestemmingsrecht om gegevens te laten verwerken en het recht om gegevens te laten verwijderen. De eerlijkheid gebiedt ook te zeggen dat de uiteindelijke wetstekst niet helemaal is zoals wij het graag hadden gezien. Verschillende bepalingen zullen leiden tot extra lasten, bureaucratische verplichtingen en beperkingen voor bedrijven. Bij het uitwerken van deze nieuwe regels is alertheid geboden omdat koste wat kost voorkomen moet worden dat we ons midden- en kleinbedrijf onnodig opzadelen met onwerkbare regels of de concurrentiepositie van Europese bedrijven in de wereldeconomie verslechteren.

Naast algemene databeschermingswetgeving, werd ook wetgeving aangenomen over het beschermen van persoonsgegevens die door politie en justitie gebruikt worden. Gelukkig hebben de onderhandelingen tussen Europese Raad en het Parlement uiteindelijk een gebalanceerde tekst opgeleverd. Het is belangrijk dat persoonsgegevens goed en veilig opgeslagen worden en er correct mee omgegaan wordt, maar dit mag onder geen beding een belemmering opwerpen voor politie- en justitiediensten om fatsoenlijk hun werk te doen.

EU uitwisseling van passagiersgegevens
Na 5 jaar gedoe is donderdag eindelijk de wetstekst goedgekeurd die het mogelijk maakt om passagiersgegevens (PNR) uit te wisselen tussen de lidstaten. Het instrument is geen totaal oplossing in de terreurbestrijding maar wel een onmisbaar element. Het is ook niet voor niets dat veiligheidsdiensten en vele regeringen in de EU erom vragen. Waar het om veiligheid gaat is de Europese ketting zo zwak als zijn zwakste schakel. Terroristen en criminelen weten namelijk zo’n zwakke schakel feilloos te vinden en dat kunnen we alleen voorkomen als alle landen aan het systeem meedoen. Deze wetstekst zorgt ervoor dat PNR-systemen in de lidstaten op elkaar aangesloten worden en dat we op dezelfde manier passagiersgegevens gaan gebruiken zodat resultaten ook relevant zijn.

Een meerderheid van links en liberalen heeft het dossier onverantwoordelijk lang geblokkeerd. Ook nu dreigde een op het laatst ingediend amendement wederom roet in het eten te gooien, ,maar gelukkig trapte men daar niet meer in. De veranderende veiligheidssituatie in Europa heeft verschillende van hen over stag doen gaan, waardoor de wetstekst vrijdag met een ruime meerderheid van stemmen aangenomen kon worden.

Bij PNR-gegevens moet men denken aan gegevens als gegevens die men op het identiteitsbewijs terugvindt, hoe men de vlucht betaald heeft, informatie die op het ticket staat en bijvoorbeeld welke reisagent gebruikt is om de vlucht te boeken. Dat men met deze gegevens zou kunnen zien of iemand een halalmaaltijd heeft gekozen of niet klopt niet, die gegevens maken geen deel uit van PNR. Het analyseren van PNR gegevens mag niet zomaar en ook niet door iedereen gedaan worden. Alleen speciaal daartoe aangewezen personen mogen zoekopdrachten loslaten op deze gegevens inzien en alleen ter opsporing van terrorismeverdachten of mensen die verdacht worden van betrokkenheid bij andere zware criminaliteit. Ook aan de opslag en de duur van de opslag zijn regels verbonden. De gegevens worden zes maanden bewaard en blijven vervolgens nog voor een periode van vier en een half jaar versleuteld opgeslagen liggen.

Bezoekersgroepen
Met veel plezier ontvang ik bijna wekelijks bezoekers in het Europees Parlement. Vanwege de tragische gebeurtenissen in Brussel van drie weken geleden konden een aantal groepsbezoeken op het laatste moment niet doorgaan. Gelukkig hebben we deze tijd achter ons kunnen laten en mocht ik vorige week weer flink wat enthousiaste bezoekers in het Parlement ontvangen.

Met de studenten European Studies van de Universiteit Leiden sprak ik uitgebreid over lobbyen en transparantie in de Europese Unie, terwijl er bij de dames van de Katholiek Vrouwengilde Roermond veel vragen waren over grensarbeid, en de vaak lastige Europese regelgeving op dit gebied. Ook de cursisten van Zorgverzekeraars Nederland waren bij ons op bezoek. Het is voor mij dan ook ontzettend leuk en vooral belangrijk voor mijn werk om te horen welke onderwerpen leven bij de verschillende bezoekers en welke vragen op komen tijdens de gesprekken. Ik wil dan ook graag alle bezoekers danken voor hun getoonde interesse en ik kijk al uit naar de bezoeken van de komende weken!

Een kijkje in het Europees Parlement in Straatsburg
Door onze stagiaire Siena Uiterwijk Winkel

Afgelopen week was het dan eindelijk zo ver, ik mocht samen met Jeroen en Dominique mee naar het mooie Straatsburg. Na alle indrukken in Brussel een beetje te hebben verwerkt, stond een nieuw avontuur alweer voor de deur. Vier dagen lang de werkzaamheden van het Europees Parlement in Straatsburg volgen. Een flinke uitdaging volgens mijn collega's, maar ik was er helemaal klaar voor gestoomd tijdens mijn twee-en-halve maand stage in Brussel. Na een flinke rit richting het zuiden vond de eerste kennismaking met het UFO-vormige Europees Parlement maandagavond nog plaats. Alleen van het gebouw was ik al onder de indruk, niet wetende welke indrukwekkende gebeurtenissen me de komende dagen nog te wachten stonden. Dinsdag begon het voor mij pas echt, vergadering hier, debat daar en daarbovenop nog alle hectiek die zich in de wandelgangen afspeelde. Verder kwam onze persvoorlichter met het leuke idee dat ik u door middel van een korte video een kijkje laat nemen in het Europees Parlement. Ik hoop dat jullie er net zoveel van zullen genieten als ik.

Op woensdag besloot ik samen met mijn collega extra vroeg op te staan en eens te verkennen wat voor moois Straatsburg allemaal te bieden heeft. Ondanks het heerlijke weer van de eerdere dagen was het woensdag juist typisch Nederlands weer. Door wat regendrupjes lieten we ons natuurlijk niet tegenhouden en kreeg ik alsnog van mijn collega een rondleiding door het prachtige centrum. Buiten alle mooie pittoreske huisjes en oude bruggetjes was het meest interessante, de duidelijke kenmerken van de geschiedenis van de stad. Doordat de heerschappij over dit grondgebied vaak van eigenaar is gewisseld, is er een mix van zowel Duitse als Franse taal en cultuur ontstaan. Zo hebben de huisjes naar mijn mening een typisch Duits uiterlijk, zijn vele straatnamen Duits, heeft het lokale eten veel Duitse invloeden en spraken veel mensen zowel Duits als Frans (erg handig aangezien mijn Frans nog niet in optima forma is). Zo’n hoogtepunten vóórdat de werkdag überhaupt begonnen was, wees erop dat het een perfecte dag zou worden. Dit werd dan ook bevestigd door het zeer interessante EU-Turkije debat in de ochtend, een vergadering met de zogenoemde ASEAN-delegatie waarbij ik aan tafel mocht zitten met een aantal Europarlementariërs, commissieleden en de ambassadeur van Thailand en later op de middag samen met de heer Avramopoulos in de rij te staan voor een broodje. Ja, op dertig centimeter van onze Eurocommissaris van migratie. Donderdagochtend hebben we als afsluiting nog mogen genieten van een positieve uitkomst voor het PNR rapport bij de stemmingen. Helaas zit ik, terwijl ik dit schrijf, alweer in de auto terug naar Brussel en zeg ik vaarwel tegen Straatsburg. Ik ben 100% vóór een single seat, oftewel één vergaderplek voor het Parlement, maar ik moet wel stiekem toegeven dat deze tweede vergaderplek voor mij wel een ontzettend leerzame, interessante en vooral indrukwekkende ervaring was.


 

Nieuwsbrief maart 2016

Eerlijkere concurrentie nodig op de Europese arbeidsmarkt
"Gelijk loon voor gelijk werk op dezelfde plek": dit principe staat centraal bij de plannen die Marianne Thyssen, Commissaris voor Werkgelegenheid en Sociale Zaken, deze week gepresenteerd heeft. Een belangrijk onderdeel van deze voorstellen vormt de aanpassing van de zogeheten detacheringsrichtlijn.

Deze aanpassing heeft als doel om de positie van 2 miljoen gedetacheerde werknemers in Europa te verbeteren en om een einde te maken aan oneerlijke concurrentie op de arbeidsmarkt. Deze categorie werknemers valt onder de detacheringsrichtlijn, daterend uit 1996. Gedetacheerden zijn werknemers die door hun werkgever "uitgezonden" worden naar een andere lidstaat. Deze werknemers, die dus tijdelijk werkzaam zijn in het buitenland, blijven hun sociale lasten afdragen in hun eigen lidstaat en behouden daarmee tegelijkertijd aanspraak op de sociale zekerheid in hun eigen land.

Als CDA zijn wij groot voorstander van de nieuwe voorstellen, zeker in de wetenschap dat de meningen over dit onderwerp in Europa, en dus ook in het Europees Parlement, flink uiteen lopen. Daarom heb ik mevrouw Thyssen tijdens het debat ook gecomplimenteerd met het bereiken van een evenwichtige tekst, die aanvaardbaar zou moeten zijn voor alle parlementariërs, van links tot rechts, noord tot zuid en oost tot west.

Het beginsel van "gelijk loon voor gelijk werk op dezelfde plek" wordt stevig verankerd in de nieuwe tekst. Wat ons betreft mogen Poolse bouwvakkers in Nederland komen werken, maar dan wel op basis van kwaliteit en onder dezelfde voorwaarden als een Nederlandse bouwvakker. Het is niet uit te leggen en niet te accepteren dat een Roemeen in Nederland aan het werk kan gaan voor een paar euro per uur, een loon dat in zijn eigen land normaal is terwijl het in Nederland ver onder het minimumloon zit. Daarom stelt de Commissie voor om de CAO-bepalingen die gelden voor nationale werknemers, toe te passen op de gedetacheerde arbeidskracht in dezelfde sector. Nu worden werkgevers slechts verplicht om de wettelijke minimumnorm qua beloning te betalen, terwijl de CAO voor nationale werknemers vaak een hogere beloning voorschrijft. Dat leidt tot oneerlijke concurrentie. Daar komt nu dus een einde aan.

De interne markt in Europa, met name het vrij verkeer van diensten én van personen, is een van de belangrijke fundamenten van de Europese arbeidsmarkt. De interne markt moet wel op een eerlijke manier functioneren: niet alleen een vrij verkeer, maar ook een éérlijk verkeer, op een gelijk speelveld. Daar heb ik me tijdens de campagne hard voor gemaakt, en ik ben dan ook blij dat het voorstel van Marianne Thyssen tegemoet komt aan twee van mijn grootste prioriteiten. Ten eerste juich ik het toe dat de duur van de detachering wordt beperkt. Detachering is per definitie van tijdelijke aard en moet dus ook als zodanig in regels worden vastgelegd. Daarnaast ben ik verheugd met de voorstellen over de beloning van gedetacheerde werknemers. Dit kan op een duidelijkere, transparantere en betere manier, en komt zowel de werknemer als de arbeidsmarkt ten goede.

De evenwichtige plannen van de Europese Commissie vormen dan ook een stevige basis om ons werk vanuit het Europees Parlement mee te starten. Daarbij hoop ik dat wij als parlementariërs, ieder met en vanuit zijn eigen achtergrond en belangen, met eenzelfde evenwichtige en constructieve benadering aan de slag gaan.


Grensinfopunten langs de Nederlands–Duitse en Nederlands–Belgische grens
Zowel in Nederland als in Duitsland en België bestaat al jaren de wens om nauw samen te werken om de mogelijkheden van grensarbeid te vergroten en te verbeteren. Het is belangrijk dat burgers de juiste informatie omtrent werken over de grens krijgen. Wat zijn de voor- en nadelen? Welke kansen biedt werken over de grens?

Investeren in de grensregio’s is immers investeren in de toekomst. Vandaar dat eraan gewerkt moet worden dat de grens geen barrière, maar een verbinding wordt tussen de buurlanden Nederland, België en Duitsland. Het huidige informatieaanbod over grensarbeid heeft nog een erg onoverzichtelijke structuur. Bij een eerste zoekactie op internet is het voor werkzoekenden lastig om te achterhalen bij welke aanspreekpunten zij in een bepaalde Euregio terecht kunnen. Juist in de grensregio's van de Europese Unie is Europa geen theorie maar dagelijkse werkelijkheid. Dagelijks maken duizenden Europeanen gebruik van hun vrijheden. Ondanks de toenemende integratie worden Europese bedrijven en burgers vaak geconfronteerd met problemen en uitdagingen als ze de kansen en voordelen van de interne markt willen grijpen. Vooral op het gebied van de sociale zekerheid, belastingen etc. kunnen er zich altijd problemen voordoen die de grensoverschrijdende mobiliteit belemmeren.

Ter ondersteuning zijn er langs de grensstreken Grensinformatiepunten in het leven geroepen. Per 2016 heeft de Euregio Rijn-Maas Noord in Mönchengladbach en de Euregio Rijn-Waal in Kleve twee nieuwe Grensinfopunten opgericht, waardoor er in totaal – samen met Aken/Herzogenrath, Enschede/Gronau en Bad Nieuweschans - 5 Grensinfopunten langs de Nederlands–Duitse grens operationeel zijn. Binnenkort start er ook een nieuw Grensinfopunt Nederland – België in Maastricht. Daarnaast is er ook een Grensinfopunt in Terneuzen.

We nodigen u graag uit om de websites van de Grensinfopunten te bekijken om te zien wat zij voor u kunnen betekenen.

www.euregio-rmn.de/nl/euregio-activiteiten/grensinfopunt.html
www.grenzinfopunkt.eu/nl/


Het beschermen van minderjarige verdachten tijdens een strafrechtelijke procedure

Een van de basisrechten van de mens is het recht op een eerlijk proces. In verscheidene grondwetten en verklaringen, onder andere in artikel 6 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens en in artikel 10 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, is dit recht dan ook opgenomen. In deze artikelen wordt vaak verwezen naar de